TINKEBELL. photo
Droom van: TINKEBELL.
  • 66 Donaties
  • € 1.325 Ontvangen
  • € 1.000 Doel
  • Nederland Land
Embed

Recente Donaties

  • € 10 Door: Anoniem

    Heel veel sterkte Ezzedine, ik hoop van harte dat je hier je toekomst vindt!

    9 maanden geleden
  • € 100 Door: Anoniem

    9 maanden geleden
  • € 10 Door: Anoniem

    9 maanden geleden
  • € 25 Door: Aline Kiers

    9 maanden geleden

Help Ezzedin!

Help Ezzedin! image
Ongeveer 7 jaar is hij al in Nederland. Ezzedin. Vluchteling. Uitgeprocedeerd en dus 'illegaal'. Het dorp in Sudan waar hij is opgegroeid is ooit toen hij nog kind was volledig uitgebrand. De vrouwen werden voor zijn ogen gemarteld en verkracht. De beelden staan nog vers op zijn netvlies. Ezzedin kreeg geen verblijfsvergunning omdat de IND niet geloofde dat hij uit dit specifieke dorp kwam. En hij had geen papieren, dus hij kon het niet bewijzen.

Toen ik hem ontmoette, ruim drie jaar geleden, leek zijn situatie uitzichtloos. Terug naar zijn geboorteland durfde hij niet. Hier blijven mocht niet. Hij had geen contacten die hem konden helpen. Lange tijd zwierf hij in zijn eentje rond in Groningen tot hij zich aansloot bij de groep uitgeproceerden die zich ondertussen de 'We are here groep' zijn gaan noemen. Een groep vluchtelingen zonder status die veelal nog procederen om toch hier te mogen blijven. Omdat ze niet terug kunnen of durven, naar hun geboorteland. Ze trekken binnen Amsterdam van kraakpand naar kraakpand en proberen hun penibele situatie zichtbaar te maken.

Uitgeprocedeerd zijn betekent in veel gevallen namelijk niet letterlijk uitgeprocedeerd zijn. In tegendeel: Veel 'illegalen' (dat word je wanneer je het stempel 'uitgeprocedeerd' krijgt) zijn nog lang bezig met het verzamelen van bewijs dat ze echt zijn wie ze zeggen te zijn. Dat is noodzakelijk voor een verblijfstatus, maar voor veel vluchtelingen niet gemakkelijk te verkrijgen.

Het is bijvoorbeeld nog steeds in veel landen niet gebruikelijk om een geboorteakte te krijgen. Laat staan een paspoort. Bewijs dan maar eens dat je bent wie je zegt te zijn..

Maar een paar maanden geleden veranderde er voor het eerst in jaren iets in Ezzedin's situatie: Het dorpshoofd van het dorp waar hij is geboren werd gevonden! En ja, hij wist nog wie Ezzedin was en kende zijn familie. Dit dorpshoofd schreef een verklaring waarin hij erkende dat Ezzedin is wie hij is en geboren is in het dorp waar hij al die jaren al van zei dat hij er vandaan komt. Fantastisch, want dit is bewijs! En dit kan er zeer mogelijk voor zorgen dat Ezzedin na al die jaren zwerven toch wordt erkend als vluchteling en daarmee zijn verblijfstatus kan krijgen. Een normaal leven kan gaan leiden. Naar school kan gaan. Een baan kan zoeken. Kan nadenken over een toekomst.

Maar zo gemakkelijk is het niet. Als illegaal mag je niet werken en heb je geen recht op welke vorm van inkomsten ook. Maar zo'n verklaring die moet vertaald worden door een door de Nederlandse overheid erkende vertaler. En er moeten echtheidsstempels op van verschillende ambassades in Sudan en hier in Nederland. Met andere woorden: Dat is nogal een kostenpost. €1500,- is het bedrag wat nodig is om de verklaring van het dorpshoofd te vertalen, transporteren (met een koerier in Sudan en daarna aangetekend naar Nederland), te waarmerken en rechtsgeldig te maken.

De eerste €400,- heeft hij reeds gedoneerd gekregen en onlangs verkocht hij zijn telefoon (die hij had gekregen!) voor €100,-

Nu de laatste €1000,- nog. Die móet op een of andere manier bij elkaar te verzamelen zijn. Hopelijk met uw hulp.

Daarom vragen we we u om Ezzedin middels een (kleine) donatie te helpen deze kans te bewijzen dat hij met reden is gevlucht uit zijn geboorteland, te benutten.

Met heel veel dank, namens Ezzedin,

Katinka

PS1:

Wow, het gaat super snel met de donaties, FANTASTISCH!!! - Mochten we nu meer geld(!!) binnen krijgen dan noodzakelijk voor alle papieren, vertalingen, stempels etc. dan is dat extra geld ook voor Ezzedin. En ja, hij kan het goed gebuiken want zoals gezegd mag hij niet werken en heeft hij geen recht op een inkomen in welke vorm dan ook. Extra donaties betekent dus feitelijk gewoon dat Ezzedin wat basisdingen voor zichzelf kan kopen: Eten, drinken en treinkaartjes die hij regelmatig moet kopen, bijvoorbeeld om zijn advocaat te bezoeken.

PS2:

Ik heb in de afgelopen jaren meerdere malen over Ezzedin geschreven.

Hieronder twee stukken waarin ik vertel over zijn achtergrond en situatie:

 

 

Gepubliceerd in Trouw op 21 januari 2014

 

 

Hulp van ons bij uw oorlogstrauma? Stop eerst maar eens met drinken

TINKEBELL

Maandagochtend, kwart voor 9. Klaar om aan mijn column voor de dinsdagkrant te beginnen. Toch eerst even snel door de krant van vandaag bladeren, dacht ik. Wellicht lees ik iets waar ik op móet reageren. (Mijn oorspronkelijke plan was om u vandaag te trakteren op een stuk waarin ik klaag over lelijke TNT-postzegels.)

'Soldaten moorden erop los in Juba' kopte de voorpagina met een artikel over de situatie in Zuid-Soedan. Meteen dacht ik aan Ezzedin, een van de uitgeprocedeerde vluchtelingen die ik een jaar geleden ontmoette in de vluchtkerk. Hij komt uit Zuid-Soedan en ik heb vele lange gesprekken met hem en verschillende therapeuten gevoerd over wat hem is overkomen en de trauma's die hij heeft opgelopen. Sinds ik die verhalen ken, ben ik extra getriggerd alles direct te lezen over zijn geboorteland.

Het artikel beschrijft een man, Keah, die ziet hoe buurtgenoten bij elkaar worden gedreven door het regeringsleger. Een aantal mensen wordt in de laadbak van een auto geladen en afgevoerd. Anderen worden een huis ingedreven, een aantal wordt afgeschoten en vervolgens ziet Keah hoe militairen het huis met de mensen erin in brand steken. Het artikel citeert: "Mensen gilden het uit en ik was zo bang" en "Het voelde alsof ik zelf doodging." Toen ik dat las en mezelf hoorde denken 'Oh, nou, dat valt nog wel mee' realiseerde ik me dat mijn column deze week geen klaagbombardement over lelijke postzegels ging worden.

Ezzedins verhaal is er het afgelopen jaar in flarden uitgekomen en ik weet dat het verre van compleet is. De meeste stukken vertelde hij me in de wachtkamer vóór hij ergens zijn verhaal moest doen, steeds weer aan andere mensen. Ik legde hem dan uit dat het belangrijk was om het toch nog een keer te vertellen want al deze mensen moesten 'testen' wat zijn mentale gezondheid was en op basis daarvan werd bepaald of hij psychische ondersteuning en tijdelijke opvang zou krijgen.

"Jij weet wel, dat soort tangen, met welke jij auto repareren", begon hij dan bijvoorbeeld. "Zij alle vrouwen bloot op grond en government verkrachten vrouwen allemaal en dan met tang eerst tong uit mond trekken" (...) "Ja en dan neus er af halen en dan breast er af" - Hier maakte hij een gebaar waarin hij naar zijn eigen tepels wees 'like this' - "En nagels" - Hij toonde me hoe nagels uit vingers en tenen werden getrokken. "And then they play spelletje: een, twee, drie, vier vijf, en dan zij schieten een vrouw." Ezzedin was er als kind naast gezet en had moeten toekijken hoe de vrouwen uit zijn dorp letterlijk levend uit elkaar werden gerukt waarna uiteindelijk bijna iedereen werd doodgeschoten en zijn complete geboorteplaats afgebrand. De beelden staan op zijn netvlies.

De tests en gesprekken duren zo lang en er zit telkens zo veel tijd tussen dat Ezzedin steeds meer zelf op zoek gaat naar manieren om nog te kunnen slapen. In het afgelopen jaar dat ik hem probeerde te helpen is hij meer en meer gaan drinken: "This is my medicine" zegt hij, al wijzend naar een groot blik Aldi-bier.

Een paar weken geleden kwam de 'uitslag': Hij krijgt geen opvang of psychische hulp omdat hij een drankprobleem heeft waar hij eerst zélf vanaf moet komen. First things first.

We leven in een nare wereld.

 

 

 

Gepubliceerd op joop.nl 14 mei 2013

http://www.joop.nl/opinies/zorgen-om-een-illegaal

 

Zorgen om een illegaal

Ik ben van nature pragmatisch: Wanneer er een probleem is, dan los ik het op. Maar dit kan ik niet oplossen

Nu ik ze echt had gesproken, een aantal van díe illegalen; vluchtelingen zonder verblijfstatus. Nu ik me om een aantal van hen had bekommerd en ze had toegelaten in mijn leven…

Allemaal nog maar een paar weken geleden hoor, want nu had ik ze van dichtbij nodig voor een kunstproject in Vlissingen. Een kunstproject om aandacht te vragen voor hun onmogelijke positie welteverstaan.

Ik laat zelden zomaar mensen toe in mijn privé leven. Ik ben een tamelijk gesloten mens en ja, daar kan je allerlei theorieën over loslaten, maar in de afgelopen weken ben ik mij gaan beseffen hoe sterk het mij altijd heeft gemaakt door met zo min mogelijk mensen een verbintenis aan te gaan.

Nee, sinds ik mij het lot van een aantal illegalen was gaan aantrekken was mijn pragmatische blik ineens ver te zoeken.

Afgelopen zondag was de PvdA ledenraad met als doel het strafbaar stellen van illegaliteit te bespreken. Ik ben sinds een tijdje lid van meerdere politieke partijen om op zoveel mogelijk plaatsen in te mogen spreken en mee te mogen stemmen. Ik had daar binnen deze thematiek al eerder gebruik van gemaakt en stond ook tijdens het PvdA congres enkele weken geleden op het podium om mijn woordje te doen. Zonder resultaat overigens, maar de geschiedenis van de zich nergens iets van aantrekkende partijleider kent u.

Zondag poging twee.

Voor de deur van het gebouw ontmoette ik een grote groep demonstrerende vluchtelingen. Ik begroette ze, omhelsde er een paar. We kenden elkaar ondertussen wel.

Ik slikte een traan weg. Slecht voorgevoel.

Ik stond ergens in het midden van de rij met mensen die allemaal ‘in debat’ wilden met de grote leider. Ik zet ‘in debat’ tussen aanhalingstekens omdat het natuurlijk geen debat was: Iemand stelde drie vragen en de grote leider reageerde op de makkelijkste vraag met een antwoord wat eigenlijk het antwoord was op elke vraag. ‘Ja, ik zie het probleem en ik voel dezelfde pijn, maar wij van de PvdA en ik als grote leider gaan er alles aan doen om alles zo humaan mogelijk te organiseren.’

Vóór mij stond een vriendelijke mevrouw. Politieagente, ik geloof van de zedenpolitie. Ze was nog niet zo lang lid van de partij, maar het strafbaar stellen van illegaliteit ging precies in tegen de reden waarom ze lid was geworden. Ook omdat zij straks de persoon was die de wet moest gaan handhaven. Grote morele dilemma’s.

Achter mij een wat oudere dame. Ik wilde nog een aardige opmerking maken want ze was, net als ik in het roze. ‘Wat kleuren we leuk bij elkaar’ lag op het puntje van mijn tong, maar ze was me voor: ‘Wat belachelijk!’ siste ze over iemand die stelde dat het strafbaar stellen van illegaliteit  een principe kwestie was waar de PvdA toch niet mee in kon stemmen. De politie agente en ik keken haar even boos aan en tegelijkertijd draaiden we ons van haar af. Wat een naar mens.

Ze bleef doorsissen, dat zij al 50 jaar lid was van de partij en al 23 jaar voor vluchtelingenwerk werkte. Dat we de grote leider moesten vertrouwen.

‘Ik ben ook vrijwilliger voor vluchtelingenwerk’ dacht ik. En in mijn gedachten maakte ik een link naar een debat met Gerd Leers waar ik een paar weken geleden aan deel nam. Hij had vooraf duidelijk niet aangevoeld dat ook kunstenaars degelijk ingelezen kunnen zijn in de materie en daarnaast in staat konden zijn een oud minister verbaal van tafel te vegen.

Dat was gebeurd en aan het einde van de avond in het Tilburgse theater had hij gestotterd dat het inderdaad zo was dat je na 30 jaar politiek tot de conclusie kon komen dat je je principes was verloren. ‘Was dan eerder uit de politiek gestapt’ was door mijn hoofd gegaan. Precies wat ik dacht bij de vluchtelingenwerk mevrouw.

Het duurde lang en ik begon mijn heupen te voelen. Een paar nachten eerder was ik aan de nacht van de vluchteling begonnen. Ik had het niet gered die 40 kilometer. Al na 10 kilometer begonnen mijn heupen enorm veel zeer te doen en net nadat ik de 20 kilometer passeerde moest ik opgeven. Ik kon geen stap meer verzetten zonder extreme pijn. Met de auto was ik naar de finish gereden. Iets wat vluchtelingen onderweg niet snel meemaken.

Mijn beurt.

Ik begon mijn verhaal met een compliment naar Sander Terphuis. ‘Mooie motie! Maar ik mis wel een aantal zaken. Graag stel ik de vragen die ik heb naar aanleiding van een verhaal uit de praktijk. Het is een lang verhaal, maar ik ga het u heel beknopt vertellen’ – en daar werd ik al afgekapt: ‘Daar hebben we geen tijd voor, u heeft één minuut’

‘Ezzedin is een uitgeprocedeerd vluchteling uit Soedan. Hij werd geboren in een dorp in Darfur. Toen hij ongeveer 7 jaar oud was is dat volledig uitgebrand door het regime. Mensen werden gemarteld en vrouwen werden verkracht waar hij bij stond. Hij werd ondergebracht bij een oom in Kartoem. Daar demonstreerde hij later met de rebellen tegen het regime en tijdens die demonstratie werd hij opgepakt.’

De vrouw achter me siste dat het belachelijk was dat ik hier dit soort verhalen stond te verkondigen.- Ik stopte mijn verhaal en draaide me met een ruk om. ‘Mag ik?!’

Ik richtte mij weer tot de grote leider en vervolgde mijn verhaal:

‘Hij belandde drie maanden in de gevangenis waar hij werd gemarteld. Toen hij werd vrijgelaten had hij een meldplicht: Elke week moest hij zich melden om te bewijzen dat hij de stad niet verliet en zich niet aansloot bij de rebellen. Na drie weken vluchtte hij via Libië. Daar regelde hij valse papieren waarmee hij naar Griekenland vluchtte. Vanaf Griekenland liftte hij mee, hangend onder een vrachtwagen naar Frankrijk…”

Ik werd afgekapt: ‘Hier hebben we geen tijd voor mevrouw’

Heel veel verveelde ogen keken mij aan.

‘Oke, hij belandde in Nederland, werd in detentie gezet, belandde op straat, zorg werd hem geweigerd en ondertussen is hij ernstig ziek, mag hij niet hier blijven en kan hij niet terug. Wat gaat de PvdA met dit soort mensen doen?’ Ik sprak nu zo snel dat ik voelde dat ik over mijn eigen woorden begon te struikelen.

Eerlijk gezegd ontging mij het antwoord van de grote leider een beetje doordat de vrouw achter mij er weer doorheen siste dat mijn vraag belachelijk was – of zoiets. Het antwoord van de grote leider was dat hij de verhalen kende en dat het vreselijk was en dat de PvdA alles ging doen om het beleid zo humaan mogelijk te maken – of zoiets.

Ik had nog vier vragen, maar ik mocht ze niet meer stellen ‘Er staat nog een hele rij achter u mevrouw’

Woedend greep ik de microfoon nog een keer. ‘Het is een schande!’ schreeuwde ik door het ding. En ik zag iedereen verschrikt een stukje naar achter deinzen.

Terwijl ik terug liep naar mijn stoel hoorde ik de vluchtelingenwerk mevrouw in de microfoon roepen dat we vertrouwen moesten hebben en de grote leider moesten steunen. Een daverend applaus volgde. Ik slikte mijn tranen in. Waar was ik beland?

Ezzedin had in Frankrijk een bus gepakt, oorspronkelijk richting Noorwegen want hij had gehoord dat het daar mooi was. Maar bij de Nederlandse douane hadden ze hem onderschept en zomaar zonder proces opgesloten in de gevangenis in Maastricht. Dat was zwaar geweest en zijn verhalen over de isoleercel komen vaak terug wanneer je hem spreekt. Daar in Maastricht hebben ze hem gedwongen asiel aan te vragen in Nederland, wat hij helemaal niet wilde, maar het móest. Ongeveer twee en een half jaar werd hij van het ene azc naar het andere overgeplaatst en tot vijf keer toe werd zijn aanvraag afgewezen. Hij had valse papieren en was daardoor onbetrouwbaar.

Bovendien sprak hij doordat hij bij zijn oom in Khartoem had gewoond Arabisch. Noord Soedan dus, en daar is het ‘veilig’. Wat ook niet hielp is dat hij nooit op school had gezeten en niet kon lezen of schrijven. Hoe kan je nu een activist zijn als je nog niet eens je eigen spandoek kan beschrijven? Kortom, een ongeloofwaardig verhaal volgens de IND.

Hij werd geklinkerd. Het woord dat wordt gebruikt wanneer illegalen op straat worden gezet. ‘Zoek het maar uit, je bent niet welkom, zie zelf maar hoe je het land verlaat’.

Gebroken belandde hij in Groningen op straat. Hij sliep onder de brug en at uit de vuilnisbakken. Zijn toestand verslechterde. Getraumatiseerd, depressief, maar ook met ademhalingsproblemen en ernstig ondervoed. Hij klopte aan bij het ziekenhuis, maar werd daar geweigerd.

Hij is in een trein gestapt naar Duitsland en werd daar opgenomen. Drie weken lag hij in het ziekenhuis, waarna hij weer terugkeerde naar de straat in Groningen.

Daar ontmoette hij iemand die hem wees op het tentenkamp op de Notweg. Hij sloot zich aan maar werd ook daar ziek. Er werd een ambulance gebeld die hem ophaalde, maar om de hoek van de straat werd hij uit de auto gezet. Naar eigen zeggen omdat hij geen papieren had, maar na navraag zou het net zo goed kunnen zijn dat er een spoedgeval tussendoor kwam, of dat hij onhandelbaar was. Ezzedin was ondertussen behoorlijk de weg kwijt en had enorme stemmingswisselingen.

Zo haalde ik hem uit de Vluchtkerk voor mijn kunstproject in Vlissingen waar ik hem oorspronkelijk een maand zou huisvesten. Natuurlijk wisten we allemaal dat de kans groot was dat de burgemeester iets zou bedenken waardoor dat feest niet door kon gaan. Alle scenario’s waren besproken. Ook met Ezzedin. Hij reageerde daarom nogal gelaten toen de burgemeester na een dag al opriep de bulldozer er in te zetten. ‘Illegalen misbruiken om aandacht te vragen voor kunst is een schande’ zo zei hij.

Dat we juist in Vlissingen die ene dag voor het eerst voor elkaar hadden gekregen dat Ezzedin antidepressiva en slaappillen kreeg (hij sliep zelden meer dan een à twee uur per nacht) en dat dat alléén al pure winst was leek niemand te deren. Behalve Ezzedin, die hierdoor tijdelijk een logeeradres kreeg bij iemand die zich een week over hem ontfermde. Voor het eerst sliep hij een paar nachten door. Nog meer winst.

Maar Ezzedin is ernstig ziek. Zo ernstig dat hij niet zomaar bij iemand kan logeren. Hij heeft alle aandacht nodig, vergelijkbaar met dat van een klein kind. Hij kan en mag niet zelf beschikken over zijn medicijnen en moet de hele dag begeleid worden.

Iemand uit de Vluchtkerk die hem ook kent vertelde mij dat hij Ezzedin een paar keer de weg naar het ziekenhuis had gewezen. Maar Ezzedin heeft het ziekenhuis zelf nooit bereikt: hij verdwaalde of durfde niet meer omdat hij geen geld had.

Soms lijkt hij even op te leven, bijvoorbeeld wanneer hij naar Bob Marley luistert. Of de zee in Vlissingen, die deed hem ook goed. Maar het grootste deel van de tijd praat hij over vluchten. Ergens anders heen. Of zelfmoord plegen, want het heeft allemaal geen zin meer.

Tessa, de kunstenares die het huis in Vlissingen heeft gebouwd geeft hem wat bijles om te leren lezen en schrijven. Dat houdt hij steeds maar even vol. Dan dwalen zijn gedachten af en gaat het weer over Soedan. Over zijn verloren moeder en broers en zussen. Over hoe hij de ene dag wel moslim is en de andere toch maar liever niet. Over trouwen in Soedan, over weglopen naar België of over toch maar dood gaan.

Het liefst zou ik Ezzedin in huis nemen, maar dat kan niet. Niet omdat mijn huis te klein is. Ook niet omdat ik geen geld heb om iemand naast mijzelf te kunnen onderhouden. Hoewel van beide zaken sprake is, is de voornaamste reden om hem niet in huis te nemen is dat ik dat niet aan kan.

De laatste weken voel ik dat ik een labiel mens word. Ik ben van nature pragmatisch: Wanneer er een probleem is, dan los ik het op. Maar dit kan ik niet oplossen. Ik kán Ezzedin niet beter maken. Ik kán hem geen verblijfsstatus geven en het doet mij te veel zeer om hem steeds opnieuw te moeten vertellen dat Nederland wil dat hij terugkeert naar Soedan. Wetende dat dat waarschijnlijk zijn einde zal betekenen.

Niet alleen omdat hij daar hoogst waarschijnlijk direct wordt opgepakt, gemarteld of erger… Maar vooral omdat hij het niet meer kan. 

 

Uitgelicht